02. Uitblinkers inventariseren de spelsituatie

Wat je bij het begin van het spel, meekrijgt is je uitgangssituatie. Zo krijg je bij een kaartspel een goede of een minder goede kaart uitgedeeld. Bij Scrabble tref je goede of minder goede letters. Zo is het ook in Life – the Game. Deelnemers krijgen bij hun geboorte een uitgangssituatie – gunstig of minder gunstig. Jij, als Uitblinker hebt in elk geval één opzicht een voorsprong: je bent ergens heel goed in of je weet dat je het kunt worden.

Vervolgens kun je op elk moment in je leven (in het spel) een tussenbalans opmaken. Bijvoorbeeld voordat je iets onderneemt. En die balans opmaken zul je ook doen aan het eind van het spel, als je de kans krijgt. Het is goed om je geregeld af te vragen hoe je aan het einde van het spel achterom wilt kijken. Bijvoorbeeld: wat wil je als Uitblinker volbracht hebben? Hoe wil je herinnerd worden?

Ken de onderdelen van het spel

De spelsituatie in Life – the Game gaat over:

  • De spelomgeving. Die kun je zo smal en zo breed opvatten als je wilt. Wat is voor jou bepalend? Wil je het wereldnieuws bijhouden om te kunnen anticiperen op ophanden zijnde grootschalige veranderingen? Of sluit je je voor al het nieuws af en zie je wel wat er op je af komt? In hoeverre is de omgeving waarin je leeft bepalend, met cultuur, gewoonten, wetten, media enz.?
  • Je eigen lichaam en geest. Hoe gezond ben je, lichamelijk en mentaal? Hoe voel je je, wat voel je? Hoeveel energie heb je? Wat denk je? Ben je spiritueel?
  • Je ‘uitrusting’. Opgedane kennis, ervaring, vaardigheden, kundes, opvoeding, overtuigingen. Je talenten, je intelligentie (IQ en EQ).
  • Je overige ‘middelen’. Je bezittingen en relaties.

De lokale spelsituaties in Life – the Game lopen sterk uiteen. Als jij geboren bent of woont in een rijker en veiliger gedeelte van de wereld, wees je er dan van bewust dat je een enorme voorsprong hebt om Uitblinker te worden. Tegelijkertijd liggen er welvaartsproblemen op de loer die je spel kunnen verslechteren.

Inventariseer geregeld je middelen

Misschien ben je al meer ‘bemiddeld’ dan je denkt. Maak eens een lijst van alles wat je hebt.

  • Je al of niet gezonde, energieke, complete lichaam en geest
  • Geld en andere waardevolle ruilmiddelen
  • Gereedschappen, computers, software, verbindingen zoals internet
  • Hulpmiddelen en materialen
  • Kennis, paraat en wat je weet te vinden in boeken, op internet, bij relaties enz.
  • Karakter, gedragstijlen, drijfveren
  • Inzichten en overtuigingen, normen en waarden
  • Talenten. Waar ben je mee geboren, wat heb je ontwikkeld?
  • Vaardigheden en kundes. Wat kun je (goed). Wat heb je aangeleerd?
  • Ervaring. Functies die je hebt bekleed, rollen die je hebt vervuld.
  • Relaties (privé en zakelijk): familie, vrienden, buren, leveranciers, klanten, mentoren …

Ken je tegenstanders/medespelers

Er zijn in Life – the Game spelers in diverse stadia van ontwikkeling. Van de meest ervaren en wijste spelers mag je verwachten dat ze het meeste respect tonen voor de andere spelers. Tegenover die wijzen zijn er minder ontwikkelde spelers die nog door schade en schande wijs moeten worden. Ook hun ervaringen voegen weer iets toe aan het collectief, maar het is voor jou zaak dat je je verbindt met de mensen die een positieve invloed op je hebben en ook dat je je geregeld focust op je eigen spel.

De uitgebreide versie van het sprookje en de langere uitleg van dit inzicht vind je binnenkort in het ledengedeelte en in het sprookjesboek.